Experimenteren

“Juffrouw, kijk eens”. Ik kijk naar Anne. Ze neemt een diepe hap lucht en gaat vervolgens heel snel met haar hele gezicht in het water en komt ook weer heel snel omhoog. “Zo, super goed zeg!” Gelijk kijk ik naar Isabel die bij mij belletjes staat te blazen. “Kun jij dit misschien ook?” Een beetje vertwijfeld kijkt ze mij aan, maar nu ze heeft gezien dat Anne het kan doet ze ook heel snel haar hele gezicht in het water en weer snel omhoog.

Het zijn twee kinderen van mijn beginnersgroep die aan het experimenteren zijn, dat is zoals ik het graag benoem. Ik heb een vrije situatie in het bad gecreëerd waarbij iedereen op zijn eigen niveau kan uitproberen wat mogelijk is. Er liggen ringen en matjes op de bodem, ik heb slierten in het water gelegd waar je gemakkelijk met je hoofd boven water bij kunt, er staan hoepels diep in het water en hoepels half boven water, er staat een schatkist op de bodem (80 cm) met munten erin, enz. Een onderwaterwereld voor degenen die echt al helemaal naar beneden durven te gaan, een experimentenwereld voor degenen die dat nog niet goed durven.

Iedereen kan in deze situatie op zijn eigen tempo aan de gang. Uiteraard probeer ik ze wel uit te dagen om steeds weer een stukje verder te gaan. Het is wel een vrije situatie, maar één voor één loop ik langs de kinderen om te kijken of ze dat stapje extra al kunnen gaan maken. Voorzichtigheid is in dit geval ook een mooi woord wat je in je achterhoofd moet houden. Wij gaan namelijk niets forceren met kinderen die nog niet onder water durven te gaan. We laten ze zelf kijken hoe het gaat. Doordat iedereen door elkaar bezig is, hebben ze ook niet het idee dat iedereen staat te kijken naar hen als ze iets niet durven. Geen rijtjes dus, maar lekker allemaal constant aan de gang.

Zelfs ik verbaas me dan toch weer hoeveel de kinderen zelf al uitproberen, zonder dat ik ze help of bij ze kom kijken. Even verderop zie ik Bram namelijk al helemaal onder water duiken en triomfantelijk met een ring naar boven komen. “Wow” roep ik van een afstandje, “wat ontzettend knap van jou”. Tot deze les was Bram namelijk nog niet met zijn hoofd onder water geweest en nu duikt hij op zijn manier ineens helemaal naar de bodem.
Ondertussen zijn Anne en Isabel nog een paar keer onder aanmoediging van mij met heel het hoofd onder water geweest, nu ook iets langer dan snel naar beneden en omhoog. Het mooiste van dit is dat ze dan ook allebei enorm trots kijken als ze boven komen. Alsof ze willen zeggen: “zie je nu wel, ik kan dit gewoon al!”

Aan de buitenkant ziet zo’n les er wellicht uit alsof de kinderen zomaar iets aan het doen zijn, maar als je beter kijkt zie je dat iedereen afgelopen week enorme sprongen heeft gemaakt en ze zichzelf hebben verbaasd over wat ze al kunnen. Er waren zelfs al 4 kinderen die helemaal stil op de buik konden drijven met het hoofd onder water. Niet alleen de kinderen zijn trots, ook de juf is ontzettend trots op ze!

 

P.s.: de namen zijn fictieve namen en dus niet de echte namen van de kinderen in de groep.